Een multidisciplinaire installatie die de betekenis van het Zonnelied verbindt met migratie.
De installatie verwijst naar een tempelgewelf en nodigt bezoekers uit tot empatisch luisteren.
Onder een koepel klinkt het Zonnelied opnieuw in de vorm van de poëzie en soundscape:
ZE LAVEREN
LANDEN IN KREUKELZONES
OM TE ERODEREN TOT DOODMOE
HUN LEDIKANTEN ZIJN ZELDEN
KOBALTBLAUW
Stemmen van nieuwkomers uit een asielcentrum - gedragen door zeeklanken - maken van de installatie een hedendaagse, polyfone meditatie.
Het zand staat symbool voor het ‘landen’ op nieuwe grond.
Met deze inzending wil ik bijdragen aan Franciscus' oproep tot verbondenheid en respect.
285 x 110 x 65 cm ± 35 kg
gips, metaal, pigment, bladgoud, zand