Naar overzicht
quote

Het Zonnelied maar dan als gedicht

Peter Elferink
Woord

Hoogste, almachtige Heer,
van U is de zon –
haar gloed is Uw glimlach,
haar licht een geschenk.

Zuster Zon, draagster van dag,
in goud over de velden,
jij weeft met je stralen
het uur van de hoop.

Broeder Maan en de sterren,
in nachten van zilver,
jullie wijzen de weg
aan wie zwerven in duisternis.

Broeder Wind, zanger der wolken,
jij draagt zowel storm als een zucht –
adem van leven,
stem van de stilte.

Zuster Water, ooit heldere bron,
nu regen, dan rivier,
jij buigt je naar dorst,
jij draagt ons naar zee.

Broeder Vuur, danser der vlammen,
jij warmt onze handen,
verlicht onze angst,
verbrandt wat niet meer dient.

Moeder Aarde, dragend en mild,
jij voedt alle wortels,
jij vangt ons op
als wij vallen.

Zuster Dood, sluier van wachten,
geen vijand, maar overgang –
in jouw stille hand
ligt het laatste geheim.

Wie liefheeft, wie lijdt,
wie dient zonder macht,
zij zingen dit lied:
Alles is heilig.

Want zelfs het zwakste schepsel
draagt Uw oneindige naam –
geen blad valt alleen,
geen traan is vergeefs.

Lof zij U, Heer,
door alles wat leeft,
in elk ja dat klinkt
uit de kleinsten der aarde.
 

Mijn hertaling van het 'Zonnelied' (oorspronkelijk 'Canticum Creatarum' van Franciscus van Assisi) is een 'vrije poëtische interpretatie' die de kern van het lied behoudt – 'verwondering voor de schepping, verbondenheid met alle leven (inclusief lijden en dood), en lofprijzing van de Schepper' – maar in een 'moderne, Nederlandse taal' met beeldende metaforen (""haar gloed is Uw glimlach"").  

Ik volg de 'structuur van Franciscus’ lofzang' (zon, maan, elementen, aarde, dood), maar voeg 'eigen accenten' toe, zoals ecologische verbondenheid (""geen blad valt alleen"") of de dood als ""overgang"" in plaats van vijand. Het blijft een 'gebed', maar met een 'hedendaagse cadans', dichter bij de beleving van nu.  

Kortom: **dezelfde ziel, een nieuw gewaad.** 🌿