Pas terug uit de eeuwigheid komt Franciscus de stad binnen. Lange tijd loopt hij door de straten en stegen, tuurt naar de lucht en kijkt naar het water in de beek. Op de markt praat hij met standwerkers en burgers. En gaandeweg wordt het hem duidelijk wat hij al die jaren verkeerd heeft onthouden.
Die avond trekt hij zich terug. En vinger voor vinger typend op een oude schrijfmachine herwerkt hij het lied dat hij eeuwen daarvoor heeft geschreven.
En wij die het nu lezen, begrijpen meteen waarom. Dit is wat hij schreef.
Het Zondelied
Piet Cosemans
Woord